‘Dan kan ik echt zeker weten wat ik leuk vind.’

(Zin en betekenis vierde hoofdstuk, Leo Blok, Martijn Broers en Martijn van Schaik)

Freek, die na Motorvoertuigen voor Logistiek heeft gekozen:
‘Ja, en toen zat ik ook na te denken van: wil ik dit wel over dertig jaar?
Toen dacht ik al gelijk: nee.’
Viktor, die elektro koos om kok te kunnen worden:
‘Ik kom hier niet omdat ik echt elektricien wil worden, dat was nooit
mijn bedoeling. Ik wou echt kok worden.’
Olivier, die metaal kiest:
‘Mijn opa zat in de bouw, maar ik dacht dat metaal leuker zou zijn.'


Wat bovenstaande citaten laten zien, zijn keuzepatronen die we niet makkelijk terugzien in de cijfermatige data uit de keuze- en doorstroommonitor, waarmee we sinds de start van het practoraat bijhouden naar welke opleidingen leerlingen uit de VKR uitstromen. In dit hoofdstuk willen we daarom dieper ingaan op de keuzeontwikkeling van leerlingen in de vakmanschapsroute (VKR), door interviews die we met negen leerlingen hielden te analyseren. Vanuit de brede, meer kwantitatieve gegevens over de route die leerlingen door de VKR (kunnen) volgen,
proberen we te achterhalen wat de redenen achter opvallende keuzes zijn. We doen dat door van drie van de negen leerlingen in kaart te brengen hoe zij zelf hun persoonlijkheid en doelen schetsen. De vragen die bij die analyse centraal staan, zijn daarom: hoe typeert de leerling zijn of haar persoonlijkheid? Wat zijn de contexten waarbinnen zijn keuzes zich hebben voorgedaan? Deze vragen komen samen in de hoofdvraag van dit hoofdstuk, die luidt:

Welke ervaringen in de VKR helpen leerlingen een beeld te vormen
voor wat voor hen een relevante en logische opleidingsroute is?

Lees verder in de pdf van dit hoofdstuk, download het hele boek of

bestel bij uitgeverij Phronese

APA verwijzing:

Blok, L., Broers, M., & Schaik, M. van. (2021). ‘Dan kan ik echt zeker weten wat ik leuk vind.’ In Zin en betekenis van het practoraat Hybride onderwijs (pp. 61–74). Phronese.